in gebed met psalm 9,15

Jouw zingen, niet enkel in de tempel,

maar zeker ook onder de poorten van de stad.

Daar waar armen zijn, daar waar het leven hard kan zijn.

Net daar wil ik van Je getuigen

door in de andere mens Jou te ontmoeten.

Daar, in die poorten ,

wil ik die andere dan ook meenemen,

meenemen naar die tempel,

mogelijks een gebouw,

maar zeker ons hart,

om in gebed met Je verbonden te zijn.

in gebed met psalm 9,11

Laat me niet langer enkel maar zoeken,

maar Jou opzoeken, bezoeken.

Laat me niet langer kloppen,

maar aan Je tafel aanzitten.

Laat me niet langer op Je hopen,

maar vol vertrouwen weten dat Je er bent.

in gebed met psalm 9,5

Jij staat aan mijn kant

niet tegenover die andere kant,

maar vooral naast me,

op weg met me.

Ook al ga ik even een verdwaalde weg,

dan nog ben je aan mijn zijde.

 

Zo wil ik ook aan Jouw kant staan,

Jouw wegen gaan.

Jij reikt me Je hand,

het is aan mij om die vast te nemen.

 

Hoe goed zou het zijn

dat we samen, Jij en ik in een gemeenschap van mensen,

hand in hand zouden gaan

als een nooit loslatende liefde…

in gebed met psalm 9,3

Ik wil Jouw naam bezingen,

Jouw blijvend opkomen voor de kleinen,

Jouw consequente keuze voor nabijheid en gerechtigheid.

Ik wil Jouw naam schrijven

met mooie letters

in mijn levensboek,

als iemand die verliefd is

en namen kerft

die nooit vergeten raken.

Zo mag ik Jouw naam kerven

in mijn bestaan:

een zonder Jou ga ik niet verder.

ingebed met psalm 8,7

Aan onze voeten gelegd: veel te veel.

We zijn in staat – of is dit grootheidswaanzin? – om alles stuk te maken.

Vanwaar dat vertrouwen?

Dat geschenk kan ik haast niet aan,

mij ver te boven…

Wij mogen beheren,

niet begeren om te hebben,

maar begeren, met zorg liefhebben,

net zoals Jij dat met ons doet!

ingebed met psalm 7,10

Jij houdt me staande,

en tegelijk doorzoek Je me op onoprechtheid.

Jij, niet enkel mijn haven, mijn veilig terug op het land,

maar tegelijk ook mijn inspecteur

om me te behoeden op lekken en mankementen

om me ook op het water drijvende te houden.

Jij, mijn zekerheid,

en krijg ik een waarschuwing

dan weet ik dat ik er rekening mee moet houden!

ingebed met psalm 6,6

Als niemand in de dood van Jou zingen kan,

dan is het om zeker dit nu te doen

en erop te hopen dat Je ons opvangt na dit leven.

Dat dood geen dood is,

Dat Licht sterker is dan duister.

Dat wij met andere klanken Jou zullen kunnen zingen.

Leg Jouw lied in mijn mond

en gebruik mijn stembanden,

gebruik mijn handen en voeten,

dat het een lied wordt in een dans,

dankvol te mogen leven.

Amen.

ingebed met psalm 6,3

Zonder Jou geen kracht,

niet om mijn omgeving te veranderen,

maar nog minder om van mij mens te maken.

Genezing heb ik nodig

van hebben,

van eigen gedacht en gemak,

van zoeken naar vlug geluk,

van woede, van eigenwijs zijn.

Zwak mijn gestel,

en hoe Paulus ook roemt op zijn zwakte:

Je zit er toch mee!

Sterk mijn ruggengraat,

vul mij met liefde en empathie.

Vul mij met Jou,

niet allereerst om uit te dragen,

– dat komt dan wel –

maar om er vol van te zijn

en uit Jouw kracht te putten

en eigen kracht te overwinnen.

Amen.

ingebed met psalm 5,12

Mijn lied klinkt onder Jouw hoede.

Jouw lied klinkt in mij.

Hoe kan ik Jou vinden?

Zolang Jij me maar vindt.

Ik wil me nooit achter Jou verstoppen.

Ik zou ook niet weten hoe.

Ik wil wel door Jou ingestopt zijn

in Jouw nabijheid,

in Jouw liefde.

Jij doet me juichen

met alles wat ik heb,

met alles wat ik ben,

met alles wat Jij mij gegeven hebt,

met Jij in mij.

ingebed met psalm 5,8

In Jou thuis zijn is mijn droom.

Of dit nu in een kerk is

of bij een naaste,

als het maar bij Jou is.

Niet dat Je altijd een goed gevoel geeft,

soms ook knaging aan mijn geweten…

Niet dat Jouw zegen altijd zalvend is,

vaak ook aanzet tot volharding

en uitnodiging tot groei…

En toch is Jouw zegen mijn geluk!

Jou te kennen en niet te kennen

doet mij buigen uit eerbied,

doet mijn leven zo leven

dat het met Jou is.

ingebed met psalm 4,8

Jij, mijn vreugde,

nee, niet mijn

maar Jouw.

Mijn vreugde komt van Jou.

Mijn vreugde mag ik ontvangen.

Ze is me zo dierbaarder

dan elk ander nastreven.

Voor Jou hoef ik niet te streven,

Je alleen toelaten.

Ik hou van lekker eten,

maar ik denk daarbij aan Jou,

en aan Jij in mijn armste broeder.

Jij vult mijn dag,

nee: Jij mag mijn dag vullen.

ingebed met psalm 3,4

Jij, mijn anker, mijn kompas,

nog voor ik kon varen,

nog voor ik één stap zetten kon.

Jij, die mij oproept en mij tegenhoudt,

Jij, nog voor ik zelf denken kon.

Jij, die me steeds doet opkijken,

opkijken bij tegenslag,

opkijken bij bewondering,

opkijken bij Jouw zoeken,

Jij naar mij, en ik soms naar Jou.

Jij doet me steeds opstaan,

gewekt door Jou,

opgewekt,

gedragen door Jou,

opgedragen.

Ik draag mij aan Je op

want Jij tilt me steeds opnieuw

niet enkel uit bescherming,

maar omdat Je

– en voor mij is dat een mysterie –

van me houdt.

ingebed met psalm 22, 26

Als we samenkomen, als we samenzijn,

een groepje zoekende mensen,

soms beterweters, soms twijfelaars,

verzameling van zoveel verschillen…

Als we samenkomen dan ben Jij het die ons verbindt.

Jij, die samen zingen doet,

bassen en sopranen,

gebroken stemmen, vals klinkers en mensen in ademnood.

In Jou en met Jou klinken wij even als harmonie.

Jij brengt ons samenklank, verbondenheid in Jou.

Amen.

ingebed met psalm 22, 20

Jij staat niet van aan de kant te kijken,

te supporteren of te zien of ik een fout bega.

Geen sjaal of kleuren om me van ver gade te slaan

en te roepen, te schreeuwen.

Geen afzijds, geen vlag, om me te keuren.

Jij staat in mij op het veld.

Jij geeft me steeds weer passen,

aan ik om ze aan te nemen

en er iets mee te doen.

Geen afzijdige God,

volop mee scheppend,

zo ben Jij.

Amen.

ingebed met psalm 22, 6

God, het volk van eertijds: zij riepen Je aan.

En Jij gaf een antwoord,

ook voor hun kinderen,

en zo ook voor mij.

Jouw antwoord van toen,

kwam nog voor mijn eerste vraag.

Jouw antwoord was er al,

nog voor dat volk van eertijds

een vraag kon stellen.

Jij gaf Jouw eerste woord

dat toen al antwoord was en blijft op onze vragen.

ingebed met psalm 2,7

Jij, mijn Vader,

niet enkel van bij mijn geboorte,

maar al van ver ervoor.

Jij, mijn Moeder,

niet enkel voor al mijn komende dagen,

maar mij optillend over mijn eindigheid.

Jij, mijn God,

niet enkel toen of dan,

maar elk moment en vooral nu.

Jij wekt me telkens opnieuw.

Jij schept mijn dag, Jij schept mij,

ook als ik mij niet laat vormen,

ook als ik mij van Je afwenden wil.

Amen.

ingebed met psalm 1,3

Jij doet mij groeien als mens, als bondgenoot,

medeschepper, drager van vruchten,

Jouw vruchten vermengd met mijn kleine inzet;

Jouw scheppen van mijn talenten, mijn kansen.

Waaraan heb ik het verdiend

te mogen groeien als een boom

met takken om in te nestelen?

Zolang ik maar mag nestelen met mijn wortels

in Jouw grond, dichtbij Jouw bron.

Goddank dat ik Je danken mag, mijn God!

Amen.