Het feestkleed getuigt van psalm 30

het feestkleed

Ik ging al lang aan de kapstok,

mijn eigenaar droeg lange tijd haast vodden.

Gehavende kledij van het vallen,

smerige vodden van gedrenkt te zijn in de hardheid van het bestaan.

Maar vandaag word ik aangetrokken:

de tijd van rouwen is voorbij.

Ver weg van de put,

van de diepe zee van niets meer

heeft mijn eigenaar eindelijk wal bereikt.

Geen gehavende rouwkleren meer,

ik mag mijn eigenaar kleden

want God is zijn haven, zijn vaste grond.

Geen echte vertaling

In elke vertaling zitten er accenten waarover gediscussieerd kan worden. Er zijn vele soorten vertalingen: vertalingen zoekend naar de exacte woorden, naar de juiste structuur, naar de begrijpelijkheid, naar de vereenvoudiging, naar de juiste sfeer en ga zo maar verder…

“Psalm voor mij” zegt het heel duidelijk. Ik zoek bij het maken van “psalm voor mij” in 5 degelijke vertalingen en uitleg naar een verwoording die bij mij past. Die verwoording verraad vooral hoe ik geloof, meer dan wat anders en toch hoop ik dat ik ook dicht bij de psalm mag blijven. Ik heb zeker niet de bedoeling om poëzie te maken maar vooral om mij voeding te geven door na het bestuderen en vergelijken iets neer te schrijven.

Ik leg naast me de statenvertaling met strongcoderingen van ISB, de vertaling door Kees Waaijman, de bijbelstudie van CVB, de vertaling van Ida Gerhardt en Marie Van der Zeyde en De Nieuwe Bijbelvertaling.

Ik zoek naar die woorden die mij het meest treffen en mij – al is het maar even – verder op weg helpen tot ik de psalmen opnieuw zal bestuderen en zal komen tot andere bewoordingen.

 

Zie gerust naar mijn voorlopige “psalm voor mij” en ook naar “naar een vertaling”.

werk van barmhartigheid: Lijden verzachten

Naar psalm 30, 2-5.9-11

 

Ik kan weer naar Je opkijken.

Dat doet me deugd!

Jij hebt mijn lijden verzacht,

mijn pijnen draagbaar gemaakt.

Ik kan weer rustig liggen of aan iets denken.

Pijn verhindert me niet echt meer.

God, ik schreeuwde om Je

en Jij stilde mijn scheuten en branden.

Je bracht me weer tot leven,

hel is in me gesust.

Zing voor die zegen en rust brengt!

 

Wat heb Je er immers aan als ik enkel nog kan kermen?

Als ik verlang om niets meer te voelen,

desnoods van alles te vluchten?

Dan is er geen plaats meer om Je uit te zingen,

dan beheerst enkel ongemak mijn bewustzijn!

Luister, mijn Nabije Geliefde,

wees mij genadig!

vasten 4 ma

naar psalm 30, 2.4-6.11-12a.13b

Jes. 65, 17-21                    Joh. 4,43-54

 

Ik zal Je in mijn hart dragen en uitdragen

want Jij genas mijn kind.

Een nieuw Jeruzalem,

een nieuwe thuis is in ons geboren!

 

Geween en geschrei worden niet langer gehoord,

wrevel en vijandschap is verleden tijd.

Uit het doemrijk heb Je mij gehaald,

mij verlost van dieperik.

Ik, hofbeambte, ben voortaan Jouw dienaar,

herboren, geen grijsaard meer!

 

Laat de Heer toe in je leven, al wie gelooft,

geloof op één enkel woord!

Breng dank, Kana en Kafarnaüm,

Wees een bruiloftsfeest, een dorp van mensenvissers!

Het oude is niet langer,

open gebloeid in Zijn barmhartigheid!

Gisteren nog stervend en geween,

koortsig en verstoten,

vandaag rijdans en vreugde!

 

Nabije, wees nabij, ik bij Je!

Geef mij een woord van bevrijding.

En mijn slapeloosheid wordt een Jouw gedenken,

mijn putmoment een bergervaring.

Ik zal Je in mijn hart dragen en uitdragen

al mijn levensdagen.

barmhartigheid: hulp aanvaarden in dankbaarheid

Ik dacht dat ik alleen de wereld aankon.

Ik kon het zelf, geen hulp nodig!

Ik was vergeten hoe ik als kind mocht leunen,

hoe ik ooit ook eens hulpeloos was.

 

Ik moest en zou,

ik kon wel huilen, maar niet tonen,

ik barstte uit en Jij en anderen kregen de vlaag.

 

Maar toen Je er niet was,

ik Je niet nodig had,

kwijnde ik weg.

 

Daarom heb ik dan toch naar Jou gezocht.

toegegeven…

Weet, ik heb Je nodig!

Laat me Jouw barmhartigheid zien!

 

En Je was er, bent er.

Je zond die medemens, die helpende hand.

Mijn leven is weer te leven geworden.

Wat ben ik blij dat Je er mag zijn!

Dankbaar zal ik Jouw hulp aanvaarden.

Ik hou van Je en van het leven.

 

 

Naar psalm 30, 7-9. 10-13

in de kamer van psalm 30

Voel jij je wel eens opgetild?

Wanneer kan niets je van iets af brengen?

Hoe geneest God? Wat geneest God?

Waardoor leefde je weer op?

Wat, wie geeft jou vertrouwen en hoop?

Waardoor werd je verlost van een zwaar gevoel?

En van je schuldig voelen?

Vertrouwen niet al te vaak op eigen kunnen?

Ken je iemand die door een gebeurtenis geloof kreeg, vertrouwen?

Mogen wij God uitdagen met zinnen als “want Jij bent toch barmhartig!”?

Hoe veranderde jouw rouwkleed in terug volop leven?

Hoeveel maal heb je al gedacht “ik zal God steeds loven”?

En deed je dat toen…

schietgedachtjes 30

eerst uitgeput, nu uit de put

geen spot meer bij Jou in het volle licht

genezen, opnieuw genesis

geen lap er op maar opgelapt

eerst tilt, nu opgetild

opgetild: uit de til (kooi) van de dood

Zing voor de Heer, want Hij staat achter je

Zijn gramschap weegt niet door

en morgenmens geworden, zeker in de avond

zonder Jou heb ik geen grond

aan houvast moet je je vasthouden

geen loof waar niets groeit

ik pak Je op Je Woord

Dan! s

opgekleed

pen neer, ik zeg het gewoon

love – n

 

herverpsalmen psalm 30 c

Ik  heb tot Je geroepen:

Heb Je iets aan mij door mij verloren te laten gaan?

Jouw antwoord kwam:

Ik werd uit de put gehaald.

Jouw liefde doet me weer leven.

Je bleef niet weg.

Ik dacht dat Je kwaad was.

Maar Jouw liefde is zoveel groter.

Mijn treurstoet verandert is een vreugdedans.

Mijn rouwkleed is feestgewaden.

Mijn gesloten ramen in een open deur.

Ik zal Je blijven zingen, loven

van je getuigen door wie ik ben:

een opgestane mens!

herverpsalmen 30b

Eer aan Jou, mijn God!

Het leven lacht me toe.

Ik ben niet langer doel van spot.

Ik heb tot Je gebeden

en Jij stond er

opdat ik terug zou staan.

Ik zat in de put,

maar met Jou niet langer meer.

Hoe dacht ik: alleen het leven aan te kunnen?

Zever! Zwets!

Van het moment dat ik echt in Je geloofde

was de redding mij nabij.

Mijn ellendige strompelen werd een vreugdedans.

Nooit laat ik nog om Jou te zingen.

Gedenken zal ik Je voor altijd ,

mijn vaste partner.

herverpsalmen 30a

Ik ben vol lof over Jou!

Je hebt me uit de put geholpen.

Ik leef weer als een opgestane mens!

Hoe hard het leven ook kan zijn,

mijn verdriet duurt als één avond van een heel jaar.

De volgende morgen zie ik weer Jouw liefde.

Wat dacht ik: zonder Jou te kunnen?

Niets van!

Niet langer met het hoofd tussen de knieën!

Jou te kennen doet mij dansen.

Ook al zijn er nog momenten van pijn,

dansen met opgeheven hoofd:

De Heer is mijn Redder, mijn vreugde!