tastend spreken met psalm 6,9

Hoe kan het dat mensen

die onmenselijk onrecht meemaken

toch zo vol kunnen zijn van geloof en vertrouwen

en zelfs van genade?

 

Edith Stein, Pater Kolbe..

en voeg en nog maar vele namen aan toe!

Geef me een beetje van hun geloof.

 

tastend spreken met psalm 6,2

Zoveel mensen zeggen zo vaak:

“Wat heb ik misdaan

om dit allemaal tegen te komen…”

Ik geloof niet dat tegenslagen straffen zijn!

 

Maar nadenken over God en straffen

dat is wat anders!

Zou God zich dan niets aantrekken van het onrecht?

Dat mag toch niet!

Maar dat God dan zo rancuneus zou zijn en zou blijven doorsteken?

Dat zie ik dan ook weer niet.

 

Nee, als iemand onheil tegenkomt

is het geen wens van God

en toch:

Niets is zonder God…

 

Zeg! Het is niet gemakkelijk om erover na te denken!

God wil niemand kwetsen

maar nodigt ons uit om in moeilijke momenten

het voor elkaar op te nemen.

En nodigt ons misschien ook uit doorheen die moeilijkheden

om zorgende medemensen te worden…

borstkloppend bij psalm 6,4

Ik ben gebroken,

niet enkel gekwetst

maar ook  tekort geschoten,

onaf en er me van bewust.

Ik weet het en Jij weet het.

Genees me, richt me weer op,

opdat ik in mijn kwetsuren en mijn onaf zijn

weer Jou kan loven

en me weer mens mag voelen,

niet beladen met onmacht en schuld.

Waar wacht Je,

ik heb niet de kracht om zelf op te staan,

enkel Jij kan mijn zitten in klacht

ongedaan maken.

Ik heb Jou arm nodig!

borstkloppend bij psalm 6,2

Bij Jou schiet ik tekort,
ik schiet en zou moeten zalven,
ik doe hen tekort en zou hen nabij moeten zijn,
ik doe mezelf tekort door te gulzig te zijn voor mezelf,
want ik doe Jou tekort
en daarin ben ik niet wie Jij met me voor hebt.

Dat Je kwaad bent: terecht,
maar gooi me toch niet weg,
geef me een nieuwe kans
om voor Jou recht te zetten,
en terecht te zijn.

Geen echte vertaling

In elke vertaling zitten er accenten waarover gediscussieerd kan worden. Er zijn vele soorten vertalingen: vertalingen zoekend naar de exacte woorden, naar de juiste structuur, naar de begrijpelijkheid, naar de vereenvoudiging, naar de juiste sfeer en ga zo maar verder…

“Psalm voor mij” zegt het heel duidelijk. Ik zoek bij het maken van “psalm voor mij” in 5 degelijke vertalingen en uitleg naar een verwoording die bij mij past. Die verwoording verraad vooral hoe ik geloof, meer dan wat anders en toch hoop ik dat ik ook dicht bij de psalm mag blijven. Ik heb zeker niet de bedoeling om poëzie te maken maar vooral om mij voeding te geven door na het bestuderen en vergelijken iets neer te schrijven.

Ik leg naast me de statenvertaling met strongcoderingen van ISB, de vertaling door Kees Waaijman, de bijbelstudie van CVB, de vertaling van Ida Gerhardt en Marie Van der Zeyde en De Nieuwe Bijbelvertaling.

Ik zoek naar die woorden die mij het meest treffen en mij – al is het maar even – verder op weg helpen tot ik de psalmen opnieuw zal bestuderen en zal komen tot andere bewoordingen.

 

Zie gerust naar mijn voorlopige “psalm voor mij” en ook naar “naar een vertaling”.

ontwakend waken door psalm 6,9

Hij hoort mij!

Hij kent me en luistert zelfs naar mijn adem zonder woorden.

Hij zal niet toelaten dat die stokt.

Hij voedt me met Zijn adem, zijn Geest vindt in mij een thuis.

Let dus maar op!

Want hoe je ook probeert om mij te ontdoen van alles,

Hij hoort en zal niet toelaten!

Ik leef, en ook al ben ik nietig:

Hij doet me leven.

Hij leeft in mij en ik in Hem.

ontwakend waken door psalm 6,5

door psalm 6,5

Jouw liefde omarmt me,

is een sjerp in de koude wereld,

is een warme knuffeljas in de bijtende hardheid,

is een kus die mij doet groeien

ook al ben ik nog in de ellende.

 

Jouw liefde bevrijdt me,

vrij, boven mijn ziek zijn,

vrij, boven mijn zoeken om rond te komen,

vrij, echt vrij

en ze leidt me via hoop naar redding.

Zonder Jouw liefde zou ik niet kunnen.

Zonder Jou zou er geen liefde zijn.

schreeuw doorheen psalm 6,7

Ik slaap niet,

sluimer alleen nog korte pozen.

Ik ben al lang niet wakker meer.

Ik sleep me er door.

Tranen bij nacht,

getrokken overdag.

Hoelang nog?

Hoelang kan ik dit nog dragen?

Hoelang blijft nabijheid weg?

 

doorheen psalm 6,8

Half verblind,

ik zie niet langer zuiver.

Opgejaagd,

in ieder gevaar bespeuren.

Waar kan ik nog op hopen?

Wie kan ik nog vertrouwen?

 

Ik zie Je zelfs niet meer,

niet eens in verwijzingen…

natuur spreekt in psalm 6

Mijn kussen (er getuigt wel meer dan de natuur)(v 7)

 

Ik ben wat steun voor zijn hoofd, nek en rug.

Maar nu heeft hij wel wat meer steun nodig dan enkel lichamelijk,

hoe goed ik ook lig…

Ik kan hem niet troosten, daar dien ik niet voor.

Maar ik kan hem zelfs niet in slaap krijgen, en daar ben ik normaal wel goed in.

Ik ben nat. Ik word opzij gelegd…

Hoe graag had ik nu iets als een knuffeltje geweest,

maar nu zou die ook wel niet helpen.

Het is geen klein verdriet.

Ik kan niet anders dan mee nat zijn

en vragen: luister toch naar hem

opdat ik weer dienst kan doen en hij weer slapen kan.

ingebed met psalm 6,6

Als niemand in de dood van Jou zingen kan,

dan is het om zeker dit nu te doen

en erop te hopen dat Je ons opvangt na dit leven.

Dat dood geen dood is,

Dat Licht sterker is dan duister.

Dat wij met andere klanken Jou zullen kunnen zingen.

Leg Jouw lied in mijn mond

en gebruik mijn stembanden,

gebruik mijn handen en voeten,

dat het een lied wordt in een dans,

dankvol te mogen leven.

Amen.

ingebed met psalm 6,3

Zonder Jou geen kracht,

niet om mijn omgeving te veranderen,

maar nog minder om van mij mens te maken.

Genezing heb ik nodig

van hebben,

van eigen gedacht en gemak,

van zoeken naar vlug geluk,

van woede, van eigenwijs zijn.

Zwak mijn gestel,

en hoe Paulus ook roemt op zijn zwakte:

Je zit er toch mee!

Sterk mijn ruggengraat,

vul mij met liefde en empathie.

Vul mij met Jou,

niet allereerst om uit te dragen,

– dat komt dan wel –

maar om er vol van te zijn

en uit Jouw kracht te putten

en eigen kracht te overwinnen.

Amen.

04/2 Veronica

Fictieve heilige gekend door de kruisweg (6e statie)

naar psalm 6,3-11

 

God, hoe zwaar is mijn last.

Mijn gestel breekt, mijn spieren begeven het.

Gebroken ben ik.

God, hoe ver nog? Hoe lang nog?

Red mij, sterk mij.

Maak me vrij, Jij bent toch mij nabij?

Laat deze beker aan mij voorbijgaan.

 

Ik ben moe van dragen.

Een vrouw droogt mijn tranen,

veegt mijn gezicht af van zweet en bloed.

Mijn lasten en mijn meeleven

getuigen op het doek.

 

Mijn ogen zien naar die beulen,

ze hebben geen besef.

Ze denken in hun gelijk te staan.

Maar de Vader zal hen niet laten winnen.

Hij luistert naar de roep om gerechtigheid.

Verrijzenis overwint de dood.

De misdadigers zullen het niet halen.

Met verstomming zullen ze geslagen worden.

 

in de kamer van psalm 6

Met hangende pootjes terugkeren “straf mij niet”. Heb jij al zo een situatie meegemaakt?

Is het God die weg was of de mens weg van God? Of beide?

Wat is het dodenrijk in deze psalm? Na de dood? Ver van God? Dan of nu al? Nu en dan? Of geen dan meer?

Spijt alleen en zelfs de wil om te veranderen, te bekeren zijn niet voldoende. Er moet een uitgestoken hand zijn om die kans te kunnen grijpen.

Wat betekent: God aanvaard mijn bidden?

Welke vijanden kunnen het hier zijn? fysieke tegenstanders? Je eigen zondigheid? De gedachten dat het nooit niet meer goed komt? ???

psademen 6

Ik heb eens gehoord van iemand die even minder trouw was. Veel is er niet gebeurd maar het vertrouwen van de andere was toch voor een tijdje weg. De nachten werden zweterig, een schuldgevoel en een wil om het ongedaan te maken maakten die ene ziek. De andere kon een nieuwe kans geven – omwille van de liefde – ook al duurde het nog een tijdje tot alles weer in zijn plooi was. Ze zien elkaar nog steeds graag, en meer doorleefd dan voorheen.

schietgedachtjes bij psalm 6

God, mijn genezer en “genese r”

Straffe God, mijn straf is steeds opnieuw mijn onwil te zien

God, vloed en eb in mijn leven.

Mens, waarom treur je om wie leven mag?

Ik heb geen kracht, alles komt van U

Mijn ogen wenen bij het zien van onrecht

Geen vijand kan vijand blijven

U doet me helder kijken, ook naar wie mij belagen

Breng mij terug naar de vrijheid van Uw liefde.

Mijn gebed ligt in Zijn bedding

Hij is mijn gebed

herverpsalmen 6c

Wenend op mijn bed,

roep ik tot Jou:

Toon me Jouw barmhartigheid.

Ik was gevangen

te midden van hyena’s:

hun lach is spot,

te midden van aasgieren:

ze wensen me dood!

Ik kan er niet van slapen,

troosteloos ben ik.

Ik roep Je, want Jij luistert!

Jij jaagt die rovers weg.

Jij schenkt leven en troost

die op doet staan.

Ik roep Je:

wees mij tot antwoord!

psalmtekenen 6b

6b

Ik zit op mijn bed. Ik ben één vraag geworden: mijn hoofd, mijn rug tot het puntje aan de onderkant van mijn bed. Mijn vraag is heel duidelijk: “God, kan ik op je liefde en vergeving rekenen?” Het kussen druipt van de tranen. Het hoofdeinde heeft enkel nog een stukje nodig om een kruis te worden. Mijn ledematen zijn stompjes geworden, wezenloos aan mijn lichaam. Er zit geen kracht meer in, het zijn enkel nog aanhangsels… De vijand smelt hier letterlijk weg.

 

psalmtekenen 6a

6a

Bijna rustend in het graf. Ingewikkeld in het doodskleed strek ik mijn arm uit, smekend om een reddingsboei. Die arm zo uitgestrekt en uitgerekt, een laatste hoop. Straf mij niet. De arm is los van het lichaam om boven de dood uit te steken reikend naar de Heer.

Mijn kussen is doorweekt door tranen en angstzweet. De vijand is er om nog eens te steken. Maar van die kant lukt het niet. Mijn arm van hoop is langer dan de stok of de priem van de vijand. Die vijand smelt uiteindelijk weg in een plas. Het is een afdruipen van de vijand.