Geen echte vertaling

In elke vertaling zitten er accenten waarover gediscussieerd kan worden. Er zijn vele soorten vertalingen: vertalingen zoekend naar de exacte woorden, naar de juiste structuur, naar de begrijpelijkheid, naar de vereenvoudiging, naar de juiste sfeer en ga zo maar verder…

“Psalm voor mij” zegt het heel duidelijk. Ik zoek bij het maken van “psalm voor mij” in 5 degelijke vertalingen en uitleg naar een verwoording die bij mij past. Die verwoording verraad vooral hoe ik geloof, meer dan wat anders en toch hoop ik dat ik ook dicht bij de psalm mag blijven. Ik heb zeker niet de bedoeling om poëzie te maken maar vooral om mij voeding te geven door na het bestuderen en vergelijken iets neer te schrijven.

Ik leg naast me de statenvertaling met strongcoderingen van ISB, de vertaling door Kees Waaijman, de bijbelstudie van CVB, de vertaling van Ida Gerhardt en Marie Van der Zeyde en De Nieuwe Bijbelvertaling.

Ik zoek naar die woorden die mij het meest treffen en mij – al is het maar even – verder op weg helpen tot ik de psalmen opnieuw zal bestuderen en zal komen tot andere bewoordingen.

 

Zie gerust naar mijn voorlopige “psalm voor mij” en ook naar “naar een vertaling”.

Advertenties

week 4c

naar psalm 71, 1-6b.15ab.17

Jer. 1, 4-5.17-19               1 Kor. 12, 31   –  13,13                     Lc. 4, 21-30

 

Op Jou bouw ik, laat mij niet vallen.

Jij maakt mij tot een versterkte stad,

want Jij bent mijn wachter.

Hou dan toch die wacht!

 

Sterk mij in mijn eigen streek,

laat me veilig bij Jou.

Dat ze mij niet aanvallen.

Dat ze in mij toch Jou herkennen.

 

Want Jij bent mijn redding,

in Jouw liefde mag ik vertoeven.

Mijn jeugd al mocht ik er al zijn.

 

Nog voor ik geboren werd,

mocht ik al in de liefde wonen.

Geen schallend bekken,

maar een warme schoot.

 

Ik zal mijn eigen gaven

ten dienste stellen en zingen:

Jij bent er, Jij was er en zal er zijn

ook voor mij.

 

Jouw woorden en daden

vinden bij mij bijval.

Ik heb Je lief want Jij bent het:

Liefde voor altijd.

19/12 advent

naar psalm 71,3-4a.5-6ab.16-17

Recht.13, 2-7.24-25a      Lc. 1,5-25

 

Wees voor mij een thuis met toekomst.

Jij bent toch altijd mijn veilige haven geweest?

Bevrijdt me van spot en onvruchtbaarheid,

Van alles wat me tegengaat.

 

Want Jij, Nabije, in Jouw mag ik hopen en verwachten.

Al van kindsbeen aan gaf ik Je mijn vertrouwen.

Van in de moederschoot heb Jij me het leven gegeven,

me gezegend met Jouw steun.

Mijn geboorte heb ik aan Je te danken,

Toen al profeteerde Je al in mij.

 

Ik zal van Je getuigen,

geen roes zal mijn verkondigen verhinderen,

geen wetjes en aanpassingen zullen boven de mens komen te staan.

Ik zal over Je roepen en Je aanroepen

vanuit de woestijn,

vanuit mijn zuiver in het recht staan.

Van heel jong mocht ik al opspringen in Jouw ontmoeting

En nu blijf ik Je kennen en beminnen.

 

psalm voor mij 71

0 toevoeging van de LXX vertaling:

Van David, van de zonen van Jonadab en de eerste verbannenen.

1 Bij Jou, Nabije, koester ik me.

Laat me niet in schaamte, nooit.

2 In Jouw rechtscheppen red en bevrijd mij.

Breng Je oor naar mij en verlos mij.

3 Wees voor mij een veilige hoogte, een onderkomen om in te gaan, voortdurend.

Jij gaf opdracht om mij te bevrijden, want Jij bent mijn veilige hoogte en vesting.

4 Mijn Drager, laat me vrij uit de hand van de stukmaker,

uit de hand van de onbetrouwbare slechterik en de beestachtige grijper.

 

5 Want Jij, mijn hoop, mijn Heer, Nabije,

mijn vertrouwen van kindsbeen af.

6 Op Jou steun ik vanuit de buik vanuit de moederschoot.

Jij, mijn grond. In Jou en door Jou mijn dankzeggingen voortdurend.

7 Echt, als een uitblinkende heenwijzing ben ik voor velen,

Jij, mijn kracht en bescherming.

8 Is vol mijn mond van Jouw dankzeggingen

de dag door met Jouw innemende schoonheid.

 

9 Werp me niet weg nu ik oud word.

Bij het wegvallen van mijn kracht, Jij, verlaat me niet!

10 Want zeggen mijn tegenstrevers over en tegen mij,

en die over mijn innerlijke waken bedisselen ondereen.

11 Ze zeggen: “Drager verliet hem.

Jaag hem op en grijp hem want er is geen bevrijder.

12 Drager, wees niet ver van mij, mijn Drager, kom te hulp, met haast.

13 Mogen ze beschaamd worden en ophouden, de tegenstanders van mijn innerlijke.

Laat ze gekleed gaan in smaad en schande, de zoekers van mijn ongeluk.

 

14 Maar ik zal altijd hoopvol uitzien zodat ik kan toevoegen aan Jouw dankzeggingen.

15 Mijn mond zal vertellen van Jouw gerechtigheid,

heel de dag van Jouw reddende nabijheid.

Hoewel ik niet besef hoeveel er te vertellen is.

16 Ik zal komen in de sterkte van mijn Heer.

Nabije, ik zal vertellen van Je gerechtigheid alleen van die van Jou.

17 Drager, Jij gaf mij levenslessen van jongs af aan

en tot op vandaag verkondig ik Je wondere daden.

18 En zelfs in ouderdom en met grijze haren, Drager,

laat me niet achter zodat ik zal verkondigen Jouw kracht

aan de volgende generatie, aan ieder die geboren wordt: Jouw kracht.

19 En Jouw gerechtigheid, Drager, verheven deed Je grootse daden.

Drager, wie is zoals Jij?

20 Dat Je me liet zien vele beklemmingen en tegenslagen.

Keer Je om, breng ons weer leven.

En vanuit de afgrond van de aarde zul Jij terugkeren, Jij zult me weer op laten gaan.

21 Je zal doen groeien mijn waardigheid en Je zal me omgeven en Jij zal me troosten.

22 Ook ik, ik zal Je dankend erkennen bij het getokkel op de lier van Jouw trouw, Drager.

Ik zal psalmen zingen voor Jou met de harp, Heilbrenger van Israël

23 Zullen in vreugde verheffen mijn lippen

als ik voor Je psalmen zal zingen: En mijn innerlijke heb Jij bevrijd.

24 Ook mijn tong zal de gehele dag mompelen van Je gerechtigheid

omdat ze beschaamd omdat van eer ontdaan werden die zochten naar mijn ongeluk.

herverpsalmen 71a

Nu ik ouder ben geworden,

en ik nog meer wil dan ik dragen kan,

wees ook vandaag mijn steun en toeverlaat.

Jij bent mijn hoop,

nog vóór ik geboren werd

lag ik al in Jouw handen.

Mijn dank is één groot loflied aan Jou.

Ik vraag Je: draag nu ook zorg voor me?

Wees heel dicht bij mij.

Laat mij niet overwoekerd

worden van de zorgen.

Laat mij nog van Jou zingen.

Dat Jouw liefde en gerechtigheid

nog genoemd mogen worden.

Nu ik ouder ben geworden,

en ik meer waak dan vroeger,

draag zorg voor me.

Laat mijn zingen verder klinken

over alle ongemakken heen.

Zegen mij met Jouw nabijheid.