paastijd 5c

naar psalm 145,1.8-13

Hand. 14,21-27                 Openb. 21, 1-5a               Joh. 13, 31-33a.34-35

 

Verheerlijk de Mensenzoon, en in Hem de Vader!

Voor altijd mogen wij leven in Jouw naam.

 

De Heer is één en al liefde.

Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde

zijn in Hem geboren.

Hij draagt zorg voor iedereen.

Daarom stellen wij oudsten aan

opdat aan ieder blijde boodschap gebeurt.

 

Jouw liefde zal van Je getuigen,

onze liefde voor elkaar zal Jou aanwezig brengen.

Geen zee van verdriet, van elk voor zich,

maar vreugde, lof aan Jou

Jij met ons ook al ben Je heen.

Jouw kindertjes mogen wij zijn:

leven van en in Jouw barmhartigheid.

Hoe prachtig is dit visioen,

een droom om van te leven.

Een leven om door te geven

aan ieder om ons heen,

aan ieder in elke tijd.

 

hervepsalmen 126a

Wat is het een droom

om een God te kennen die ons graag ziet,

zo graag

dat Hij zijn leven gaf

in zijn Zoon, Jezus.

Wat is het een droom

dat de dood niet meer het laatste woord heeft,

dat de Heer is opgestaan, dat Hij leeft!

Wat is het een droom

te weten dat niet elke fout blijft wegen op onze rug, dat er in Hem vergeving is.

Wat is het een droom!

We gingen schreiend weg

en kwamen zingend terug!

herverpsalmen 98a

Zing voor God. Een nieuw lied klinkt:

De Heer, die is verrezen!

Hij brengt leven na de dood,

Zijn liefd’ en trouw gedenkend.

Zing voor God met luider stem.

Laat kopers luide klinken!

Zing tot alles dreunt en danst.

De Heer, die moet het horen!

Zeeën dansen golf na golf,

Rivieren klappen in de handen.

Bergen juichen, zingen na,

De aarde gonst van leven.

Volkeren van overal:

De Heer, die is verrezen!

herverpsalmen 89a

Van Gods liefde wil ik zingen, telkens, telkens weer. Hoe Hij een verbond sloot met Mozes, met David, met ieder mens. “Ik zal er voor je zijn!”

Wonderbaar en trouw, zo is onze God!

Alles komt uit Jouw handen, Storm stil Je met één woord. Gerechtigheid en liefde, zo is onze God!

Gelukkig die Jouw vieren. Zij kennen een vrede zo groot.

Een schaapjongen maakte Je koning. Met olie gezalfd bracht hij vrede. Hij danste voor de ark!

En Jezus werd het Lam, de gezalfde onze vrede, de Zoon van de Vader. Gods levende Woord!

Wonderbaar en trouw, zo is onze God!

“Altijd blijft Mijn verbond! Eeuwig duurt Mijn trouw! Mijn liefde is van alle tijden. Ik breek nooit met Mijn woord.

Hij leeft! Hij leeft!”

“Maar mens, waarom ben jij niet steeds trouw? Waarom roep je tot op vandaag: “kruisig hem”? Waarom moet de Heer steeds opnieuw lijden door onrecht en plundering, door oorlog en puinhoop, in elke kleine mens, niet gehoord?”

Gerechtigheid en liefde, zo is onze God!

Heer, ik zie uit naar die dag waarin alles en allen in Jouw liefde geborgen zullen zijn!

Maar God, hoe kan het dat die liefde niet overal doorklinkt? Dat recht wordt verzwegen? Laat Jouw trouw klinken! Laat het wonder in ieders hart gebeuren!

Hoe lang nog? De kleine mens lijdt… Nog steeds wordt de Heer gekruisigd…

“Maar mens, waarom?” Maar God hoe kan het? “Maar mens, waarom?” Maar God hoe kan het?

Van Gods liefde wil ik zingen, telkens, telkens weer.

herverpsalmen 82a

Tussen alle mensen neemt God plaats.

En Hij spreekt ons aan:

“Hoelang spreek je nog krom recht?

Kom op voor de armen, voor de verweesden!”

Maar velen blijven blind voor naastenliefde en recht.

Ze brengen duisternis, de aarde beeft ervan.

Dan spreekt Hij opnieuw:

“Gedenk dat je niet enkel Mijn kinderen bent,

maar ook van stof en as!”

Wij bidden: Verrezen Heer,

laat Jouw rijk van liefde komen,

dat ieder hart vol is van Jou.

herverpsalmen 45a

Zingen doet mijn hart,

muziek klinkt in mijn oren,

Wees Jij de dirigent!

Jij bent de Enige, de enige God!

Jezus is onze Heer!

Hij heeft overwonnen:

Alle haat in de wereld,

alle grijpende handen,

elke gapende leegte.

Hij is mijn Verwachte, mijn Redder.

Hij is de gezegende!

Mijn vreemde koning

met een kroon van dorens,

met gekwetste handen en voeten,

een wonde in de zij.

Overwinnaar, levende Heer,

Gezalfde.

Mogen wij Je bruid zijn?

Je geliefde?

Wij knielen uit eerbied,

Jij knielde uit liefde,

om ons de voeten te wassen.

Laten wij gekleed gaan in onze bruidsjurk.

Leren wij te knielen, ook uit liefde,

want zo eren we Hem het meest.

Mogen onze kinderen en kleinkinderen

je kennen en beminnen,

ten diepste,

onze Bruidegom!

herverpsalmen 21c

God, Vader, Jouw Zoon zingt van Jouw liefde.

Jouw woord werd mensenkind.

De gezegende in ons midden.

Hij is opgestaan.

Hem mogen wij noemen: Koning.

Hij zit aan Je rechterhand.

Hij bouwde op Je,

Zijn leven gaf Hij in Jouw handen.

Geen zonde houdt nog stand.

God zoekt zuiverheid

en maakt heel

door Zijn liefdevolle vergeving.

Hij is opgestaan.

Doe ons ook opstaan.

Nu al zingen wij de gospels,

het evangelie,

een danklied.

In Jouw Geest zingen wij

hernieuwde psalmen.

herverpsalmen 20c

God verhoort in dagen van nood!

Hij doet verrijzen,

laat opstaan uit de dood.

Juichen wij:

De Heer is opgestaan.

Zijn naam klinkt in alle komende tijden.

Wij bidden dat Hij je ook laat opstaan.

Onze God maakt heel,

Hij verhoort, Hij is een God van daden!

Geen wapens kunnen redden,

geen paardenkracht.

Wij zoeken de Heer

en vertrouwen ons aan Hem toe.

God, laat Christus naam klinken

in ieder mensenhart,

Moge Je liefde groeien.

Wij bidden tot Je, Vader:

Jouw wil geschiedde!

herverpsalmen 18c

Zo lief heb ik Je!

Aan Jou vertrouw ik mijn Geest.

Ik was gekruisigd, voor mensen verloren.

Duisternis in heel het bestaan.

Jij deed de aarde beven en scheuren.

Ik werd gehoord. Ik leef!

Geen dood meer!

Ik hield me aan Jouw wegen.

Ik werd Jouw weg.

Jij bevrijdt de verdrukte, verheft de geringe!

Wie is Mijn Vader? Jij alleen!

Mijn handen getuigen.

Mijn woorden klinken.

De vijand is geveld.

“Dat Hij zichzelf redt”,

klonken eens harde woorden.

Maar Jij was nabij.

Allen zullen eens knielen.

Machtigen haal Jij omlaag.

Laat mij U loven in eenheid.

Liefhebben voor eeuwig.

herverpsalmen 9c

Dankend wil ik verhalen

mijn leven lang.

Jij, Blijde Boodschap die aan ons gebeurt,

Weerloos Kind, Thuisloze,

Tochtgenoot, Gekruisigde.

Jij verstond elk ander verhaal

dat niet van liefde getuigt.

Jij, Blijde Boodschap,

Licht voor de blinde, Trooster in nood,

Verrezene, Vredestichter, Gerechtigheid.

Jij doet ons opstaan,

bij Jou zijn we nooit vergeten.

Laat ons worden: dienend eenvoudig

om het grootse van Jou te kunnen zien.

herverpsalmen 9a

Ik zing een danklied met alles wat ik ben

voor Jou, mijn God.

Jij neemt het voor ieder mens op.

Eens ruim Jij onze puinhoop op,

Eens? Het is al lang gebeurd…

Jij neemt het vooral voor de arme,

de gekwetste op.

Bezing dan de Heer

en draag zijn Blijde Boodschap:

Niemand raakt verloren, niemand vergeten!

Zijn gerechtigheid is groter,

wij zijn slechts kleine mensen.

herverpsalmen 1a

Gelukkig, gezegend, vol heil:

die zit bij de zondaars,

die eet met de tollenaars,

die zieken geneest

en ze brengt tot bij God.

Hij is als een boom

aan het levend water geplant.

Zijn vruchten getuigen van Water en Geest.

Hij heeft steeds Gods wet voor ogen.

Zijn ogen stralen van liefde en gerechtigheid.

Niet langer kunnen wegen onrecht zijn.

Zijn pad leidt naar het eeuwige leven.

Vol heil, gezegend, gelukkig.